Vroeger was het verplicht de groene kaart in de auto te hebben in het buitenland. De groene-kaart diende als internationaal verzekeringsbewijs.
Als je dit niet bij je had kon je niet bewijzen dat de auto verzekerd was. In het ergste geval kwam je dan het land niet in.
Sinds 1972 is de groene kaarts binnen de Europese Unie niet verplicht meer. Politiebeambten kunnen via de computer in de dienstauto via gekoppelde systemen snel zien of een voertuig wel of niet verzekerd is.
Bewaar de kaart in het dashboard kastje bij de andere autopapieren. In de auto is nl waar je het meest aan het document hebt. Op de kaart staan diverse belangrijke telefoonnummers van je verzekeringsmaatschappij
Mocht je onverhoopt bij een aanrijding betrokken zijn kun je informatie van de groene-kaart overnemen op het schadeformulier.
Elk jaar ontvang je van de autoverzekeringsmaatschappij een nieuwe groene-kaart.
Je verzekeringsmaatschappij zet de landen op het papiertje waar er dekking is.
Daarnaast staat de geldigheidsduur en voor welk motorrijtuig de dekking geldt. Ook worden er telefoonnummers van instanties op gezet. Deze kun je dan contacten in geval van schade.
In o.a. Spanje en Polen is vaak een aparte groene kaart verplicht. Voor welke landen dit nog meer geld neem je contact op met je verzekeraar. Op Nederlandse groene kaarten staat de code AF De F geeft aan dat de caravan/aanhanger ook verzekerd is. In de genoemde landen is dat anders geregeld. De autoriteiten zien dat daar niet als bewijs van een autoverzekering.
Daar dient de caravan/aanhanger een eigen kaart te hebben, met daar op het kenteken van het getrokken voertuig. Een groene kaart voor de aanhanger vraag je op bij je verzekeringsmaatschappij. Het opsturen kopie van het registratiebewijs van de aanhanger is voldoende. Aanvullende informatie vindt je op de website van het VWE bureau voor voertuigdocumentatie en –informatie.
