Doorrijden met een lekke band zorgt voor een te grote druk op het zijvlak, waardoor het zijvlak van de band 'scheurt'. Reparatie is dan niet meer mogelijk.
Bij een lek in het loopvlak van de band is deze in circa driekwart van de gevallen nog te repareren. Als het lek zich op de rand van de zomer of winterband bevindt, is reparatie nagenoeg onmogelijk.
Parkeer de auto direct op een veilige plaats, waar je de band rustig kunt vervangen. Plaats, indien nodig, de gevarendriehoek.
Plaats de autokrik onder de auto. Een gebruiksaanwijzing zit vaak bij de krik. Mocht de bodem zacht zijn, plaats dan een plank onder de krik zodat deze niet weg kan zakken.
Draai de moeren van het velg los. Haal de band van de auto, en leg deze plat naast de krik. Mocht de krik onverhoopt niet stabiel staan, dan kan de liggende band als ‘vangnet’ fungeren.
Plaats het reservewiel, draai de moeren goed aan en laat de auto weer zakken. Na gebruik check je altijd of je bandenplakset nog genoeg materiaal bevat om een evt. volgende band te plakken.
Ook al heb je nooit lekke banden, een pomp blijft onmisbaar om de banden op spanning te houden. Probeer thuis of dat ook lukt: past de pomp op de ventielen of heb je een verloopnippel nodig? En krijg je voldoende druk?
Te weinig lucht in de (achter)band geeft extra rolweerstand, een verhoogde slijtage en extra kans op stootlekken.
Rijd niet te hard! Het is mogelijk dat de bandenspanning van je reservewiel niet juist is. Je hebt dan minder controle over de auto. Bij een 'thuiskomer' is de maximumsnelheid over het algemeen 80 km per uur.
Rijd altijd even langs je dichtstbijzijnde bandenreparatie bedrijf vestiging om te bekijken of de band gerepareerd kan worden of, indien nodig, een nieuwe band te laten monteren. Lekke band, geen probleem, rijdend de autoband oppompen, het kan echt!
Zo vervang je een lekke band. Iedereen kan het!
